Landschap bij Hoenderloo met open veld en bosrand als context voor collectief wonen

Erfwonen

Je hebt een eigen huis en een eigen buitenplek, maar het landschap blijft van ons allemaal.”

doorsnede principe eco ecologsiche woningen in het landschap
CPO-woningen zonder privé-kavels rond een gedeelde groene buitenruimte
Schets voor erfdelers met gedeelde buitenruimte, compacte woningen en landschappelijke setting
schets van  collectief wonen in een groen landschap zonder harde erfgrenzen
Landschap met open veld en bosrand als context voor collectief wonen
Locatie:

Gelderland

Collectief wonen op erf en in het landschap

Hoe maak je ruimte voor meerdere huishoudens op één erf, boerenerf, campinglocatie of dorpsrand zonder het landschap op te knippen? In Hoenderloo onderzochten we hoe collectief wonen op erf en in het landschap mogelijk wordt met compacte woningen, gedeelde buitenruimte en zorgvuldige landschappelijke inpassing.

Het project is relevant voor erfdelers, grondeigenaren, families, 55-plussers en initiatiefnemers van collectieve woonvormen die samen willen wonen zonder de kwaliteit van de plek kwijt te raken.

De centrale vraag was helder: hoe kun je wonen toevoegen, zonder dat een erf, landschap of dorpsrand verandert in een verzameling losse kavels?

Landschappelijk wonen zonder het landschap op te knippen

Een landschap kan snel kleiner worden.

Niet doordat er veel wordt gebouwd, maar doordat het wordt verdeeld. Een hek hier, een oprit daar, een eigen tuin, een schuurtje, een erfgrens. Voor je het weet bestaat een open plek niet meer uit landschap, maar uit kavels. Het groen blijft misschien aanwezig, maar de samenhang verdwijnt.

In Hoenderloo lag precies daar de kwetsbaarheid.

Die vraag speelt op veel plekken in Nederland. Bij erfdelers die een bestaand erf willen delen. Bij grondeigenaren die een boerderij, campinglocatie of dorpsrand beschikbaar willen stellen voor nieuwe woonvormen. Bij families die met meerdere generaties op één erf willen wonen. En bij 55-plussers die samen in de natuur willen wonen, met privacy én gedeelde verantwoordelijkheid voor de buitenruimte.

Steeds gaat het om dezelfde spanning: hoe voeg je woningen toe zonder het landschap op te knippen?

Collectief wonen in Hoenderloo

Hoenderloo ligt niet los van het landschap. Wegen, lanen, bosranden, open ruimtes en erven lopen in elkaar over. Je voelt steeds de nabijheid van de Veluwe. Soms sta je tussen de bomen, even later kijk je over een open veld. Het dorp lijkt op sommige plekken bijna vanzelf in het landschap te zijn geschoven.

Tegelijkertijd speelde er een heel concrete vraag.

Jongeren uit Hoenderloo wilden blijven. Niet verhuizen naar Apeldoorn, waar het leven stedelijker voelt en de directe relatie met het landschap verdwijnt. Maar in het dorp zelf was nauwelijks passende woonruimte. Sommigen woonden nog bij hun ouders op het erf, in kleine huisjes, tuinhuisjes of letterlijk achter in de tuin. Niet omdat dat ideaal was, maar omdat het alternatief vaak betekende: weggaan uit Hoenderloo.

Binnen een integraal ontwerpatelier van het Gelders Genootschap onderzochten we hoe nieuwe woningen voor jongeren mogelijk konden worden gemaakt zonder het landschap verder te versnipperen. In het team werkten we samen met landschapsarchitect Abe Veenstra, ecologen, bewoners en lokaal betrokkenen. Juist die combinatie maakte de vraag scherper. Het ging niet alleen om bouwen, maar om de toekomst van een dorp dat zijn aantrekkingskracht ontleent aan het landschap eromheen.

Er was een plek denkbaar: een camping van ongeveer 6.000 vierkante meter die kon worden opgeheven en beschikbaar gesteld voor tien woningen. De vraag is vergelijkbaar met veel opgaven op een voormalig boerenerf, een erf aan de dorpsrand of een locatie waar transformatie naar wonen wordt onderzocht: hoe maak je ruimte voor woningen zonder dat de plek uiteenvalt in losse kavels?

Waarom losse kavels het landschap versnipperen

Op papier klinkt 6.000 vierkante meter ruim.

Maar precies daarin zat het probleem.

Als je 6.000 vierkante meter verdeelt over tien woningen, krijgt iedereen al snel een eigen kavel van ongeveer 600 vierkante meter. Een tuin, een grens, een erfafscheiding, misschien later een aanbouw of extra berging. Dan ontstaat opnieuw dat bekende patroon: het landschap wordt opgeknipt in privé-eigendommen.

Terwijl iedereen juist in Hoenderloo wil blijven vanwege de openheid, het groen, de bosranden en het gevoel dat het landschap nog samenhang heeft.

De vraag was daarom niet eenvoudigweg hoe je tien woningen op 6.000 vierkante meter plaatst.

De vraag was hoe je jongeren een eigen woning geeft, zonder dat het landschap uiteenvalt.

Collectief wonen op erven en in het landschap kan zonder de plek op te knippen in losse kavels. Maar dan moet je niet beginnen met verkavelen en daarna groen toevoegen. Je moet vertrekken vanuit de plek zelf: landschap, erfstructuur, routes, zichtlijnen, privacy, gedeelde buitenruimte en dagelijks gebruik.

Niet eerst verkavelen en daarna groen toevoegen

Na het definiëren van de structuur van Hoenderloo en een analyse van verschillende plekken ontstond een andere manier van kijken. Niet de woningbouwopgave stond voorop, maar het landschap zelf.

Waar is openheid belangrijk? Waar vormt de bosrand een natuurlijke begrenzing? Waar lopen routes voor mensen en dieren? Waar vraagt de plek om rust? En waar kan iets worden toegevoegd zonder dat het landschap zijn karakter verliest?

Die manier van kijken ontstond niet achter de tekentafel alleen. Bewoners, ecologen, landschapsdeskundigen en lokaal betrokkenen brachten elk een ander perspectief op de plek in. Vanuit architectuur en landschap werd daardoor niet gezocht naar een verkaveling die later met groen wordt aangekleed, maar naar een woonvorm die uit de plek zelf voortkomt.

Het integrale ontwerpatelier bracht verschillende vormen van kennis bij elkaar: de ervaring van bewoners, ecologische inzichten, landschappelijke analyse en architectonische verbeelding. Zo werd het plan geen abstracte uitbreiding van het dorp, maar een onderzoek naar wonen als onderdeel van een groter landschappelijk en sociaal geheel.

Het is een vorm van landschappelijke inbreiding waarbij de ruimte niet wordt volgezet, maar opnieuw wordt gelezen. Niet: hoeveel kavels passen hier? Maar: welke manier van wonen kan deze plek dragen zonder haar karakter te verliezen?

Gedeelde buitenruimte in plaats van privé-tuinen

Bij veel woningbouw begint de opgave met kavels. Ieder huis krijgt een eigen terrein, een eigen tuin, een eigen grens. Dat geeft duidelijkheid, maar in een landschap als Hoenderloo heeft die duidelijkheid ook een prijs.

Het landschap raakt versnipperd.

Juist daarom werd gezocht naar een andere verhouding tussen woning en buitenruimte. Geen reeks losse huizen met privé-tuinen eromheen, maar compacte woningen die samen in het landschap staan. Iedere bewoner krijgt een eigen woning en een eigen houten dek, maar geen afgebakende tuin. De ruimte daaromheen blijft landschap: gedeeld, open en herkenbaar. Bomen, gras, routes en zichtlijnen lopen door.

Dat dek is groot genoeg om buiten te zitten met vrienden, koffie te drinken in de ochtendzon of aan het einde van de dag nog even beschut buiten te zijn. Maar niet zo groot dat het landschap alsnog wordt opgedeeld in privé-tuinen.

Wil je een verjaardag vieren, dan stap je van je dek af het landschap in. Wil je met buren eten, dan ontstaat de plek daarvoor niet achter een schutting, maar in de gedeelde buitenruimte tussen de woningen. Een gezamenlijke barbecue hoort dan niet bij één tuin, maar bij de kleine gemeenschap van tien woningen samen.

Zo ontstaat een ander soort woonkwaliteit.

Je hebt een eigen huis en een eigen buitenplek, maar het landschap blijft van iedereen.

Collectief wonen voor erfdelers en grondeigenaren

Het plan raakt aan wat tegenwoordig vaak collectief wonen, co-wonen of CPO wordt genoemd: bewoners die samen verantwoordelijkheid nemen voor hun woonomgeving, zonder dat ieder huishouden een eigen groot kavel nodig heeft.

Wanneer tien woningen samen op 6.000 vierkante meter staan, maar niemand precies hoeft te weten welk vierkante metertje van wie is, verandert de sfeer. De ruimte tussen de woningen wordt geen restgrond. Het wordt een gedeelde woonomgeving. Een plek waar je elkaar tegenkomt, waar kinderen kunnen spelen, waar iemand een stoel buiten zet, waar een voetpad vanzelf naar een gezamenlijke plek leidt.

Voor erfdelers betekent dit dat een erf herkenbaar blijft als één geheel, terwijl bewoners toch een eigen woning en privacy hebben. Niet het verdelen van grond staat centraal, maar het delen van een plek. Routes, groen, open ruimte, bestaande bomen en voorzieningen blijven onderdeel van één gezamenlijk erf of landschap.

Voor grondeigenaren laat deze aanpak zien hoe een erf, boerenerf, campinglocatie of dorpsrand kan transformeren naar wonen zonder dat de landschappelijke kwaliteit verdwijnt. De vraag is dan niet alleen hoeveel woningen er mogelijk zijn, maar vooral welke woonvorm de plek kan dragen.

Ook voor CPO’s kan deze aanpak relevant zijn, vooral wanneer compact wonen, gedeelde buitenruimte en landschappelijke inpassing belangrijk zijn. CPO is hier niet de hoofdpositie, maar het principe sluit wel aan bij groepen die samen willen wonen vanuit een gedeelde visie op plek en landschap.

Dat vraagt om vertrouwen in het ontwerp.

Niet alles dichtregelen. Niet ieder stukje grond toewijzen. Niet elke overgang hard maken. Maar wel zorgen voor genoeg beschutting, genoeg herkenbaarheid en genoeg persoonlijke ruimte om je thuis te voelen.

Samen wonen op een boerenerf, campinglocatie of dorpsrand

De opgave in Hoenderloo is vergelijkbaar met veel vragen die nu spelen op erven, boerenerven, voormalige agrarische erven, campinglocaties en dorpsranden.

Een boerenerf kan vrijkomen doordat agrarisch gebruik stopt. Een campinglocatie kan een nieuwe toekomst zoeken. Een dorpsrand kan ruimte bieden aan een kleine collectieve woonvorm. Een familie kan onderzoeken hoe ouders en kinderen op hetzelfde erf kunnen wonen. En een groep 55-plussers kan samen een plek zoeken waar natuur, zelfstandigheid en ontmoeting samenkomen.

In al die situaties is de eerste reflex vaak: opdelen in kavels.

Maar juist daar begint het verlies.

Een erf of landschap heeft vaak al een eigen logica. Er zijn oude routes, zichtlijnen, bomen, open plekken, schuren, hoogteverschillen, randen en beschutte plekken. Als je die structuur serieus neemt, ontstaat een andere vraag. Niet: hoe verdelen we de grond? Maar: hoe kunnen meerdere huishoudens hier wonen zonder dat het erf zijn karakter verliest?

Voor families die met meerdere generaties op één erf willen wonen, biedt collectief wonen een manier om nabijheid en zelfstandigheid te combineren. Voor 55-plussers die samen in de natuur willen wonen, ontstaat een woonvorm met privacy, ontmoeting en gedeelde verantwoordelijkheid voor de buitenruimte.

Light Touch: woningen die het landschap minimaal raken

Uit dat denken ontstond het principe Light Touch.

De naam zegt veel over de houding van het ontwerp. De woningen raken het landschap zo licht mogelijk. Ze staan niet zwaar in het terrein, maar lijken erboven te zweven. Daardoor blijft de openheid behouden en kunnen bestaande ecologische routes bruikbaar blijven voor kleine dieren.

Wanneer een woning de grond minder bezet, blijft het landschap doorlopen. Onder, tussen en rondom de woningen blijft ruimte voor gras, bodemleven, dieren en water. Het terrein wordt niet volledig toegeëigend door het wonen.

Het huis wordt hier geen bezit dat het landschap begrenst, maar een habitat binnen een gedeelde leefomgeving.

Ook voor bewoners verandert daardoor de ervaring. Je stapt niet vanuit je huis een omheinde tuin in, maar een gedeeld landschap. Het houten dek vormt de overgang. Daar zit je beschut, maar niet afgesloten. In de ochtend valt het licht tussen de bomen door. Op warme dagen geeft het dak schaduw. Bij regen kun je buiten blijven zitten en het landschap horen veranderen.

De woning wordt zo geen grens tussen binnen en buiten, maar een plek ertussen.

Underneath: wonen in de beschutting van het landschap

Naast Light Touch ontstond een tweede principe: Underneath.

Waar Light Touch het landschap zo weinig mogelijk raakt, gaat Underneath over herstel. Op een plek waar een heuvel was aangetast, werd onderzocht hoe woningbouw bijna onzichtbaar kon bijdragen aan het terugbrengen van landschappelijke kwaliteit.

In plaats van woningen bovenop de heuvel te zetten, worden ze erin opgenomen. De heuvel wordt als het ware gevuld met een beperkt aantal woningen. Daaroverheen komt het landschap terug. Heide bedekt het geheel, waardoor een historisch beeld opnieuw zichtbaar wordt.

Je woont in de beschutting van het landschap, met zorgvuldig gekozen openingen naar licht, helling en begroeiing. Het gebouwde treedt terug; het landschap wordt weer leesbaar.

Wonen in de natuur voor families en 55-plussers

De woningvraag in Hoenderloo ging niet alleen over aantallen.

Het ging over blijven.

Over jongeren die een eigen plek zoeken, maar niet de stap naar de stad willen maken. Over ouders die zien dat hun kinderen in tijdelijke oplossingen blijven hangen. Over een dorp dat levendig wil blijven, maar voorzichtig moet omgaan met het landschap dat juist de basis vormt van die leefkwaliteit.

Daarom moest het plan meer doen dan woningen toevoegen.

Het moest ook nadenken over doorstroming. Over woningen die betaalbaar, compact en passend blijven. Over een woonvorm die niet automatisch uitnodigt tot steeds verder uitbreiden. Over een plek waar jong en oud door elkaar kunnen wonen, zonder dat het gebied verandert in een verzameling grote privépercelen.

Co-wonen en collectief wonen bieden daarvoor een andere logica. Niet iedereen heeft alles voor zichzelf nodig. Een grote tuin hoeft niet per woning te worden herhaald. Ruimte kan gedeeld worden, zonder dat het minder waardevol wordt. Sterker nog: juist doordat de ruimte gedeeld blijft, wordt het landschap sterker ervaren.

Dat maakt deze manier van denken ook relevant voor families die met kinderen op hetzelfde erf willen wonen, voor erfdelers die een boerenerf willen delen en voor 55-plussers die samen in de natuur willen wonen.

Een landschap waar mensen willen blijven

De waarde van dit plan ligt uiteindelijk niet alleen in de woningen zelf.

Die ligt in een ochtend waarop iemand met koffie op het dek zit en de open ruimte nog stil is. In een voetpad dat vanzelf naar een gezamenlijke plek leidt. In jongeren die in Hoenderloo kunnen blijven wonen zonder het dorp te verlaten. In buren die elkaar tegenkomen zonder dat alles georganiseerd hoeft te worden. In kleine dieren die hun routes blijven volgen. In heide die opnieuw kleur geeft aan een herstelde heuvel.

Dan wordt zichtbaar wat de opgave werkelijk was.

Niet bouwen in het landschap.

Maar wonen mogelijk maken op een manier waarop het landschap herkenbaar blijft.

Dit project is relevant voor erfdelers, grondeigenaren, gemeenten, families, 55-plussers, CPO’s en initiatiefnemers die zoeken naar nieuwe woonvormen op erven, boerenerven, voormalige agrarische erven, campinglocaties of dorpsranden. Het laat zien hoe compacte woningen, gedeelde buitenruimte en zorgvuldig landschapsontwerp kunnen bijdragen aan doorstroming, betaalbaar wonen en behoud van landschappelijke kwaliteit.

Heb je als erfdeelgroep, grondeigenaar, familie, CPO, gemeente of initiatiefnemer een erf, boerderij, campinglocatie of dorpsrand waar collectief wonen mogelijk moet worden? We denken graag mee over een woonvorm die ruimte maakt voor mensen én het landschap intact laat.

Bel ons via 0318 – 41 81 85 of gebruik het contactformulier.

Veelgestelde vragen

Wat is collectief wonen op erf?

Collectief wonen op erf betekent dat meerdere huishoudens op één erf of gedeelde plek wonen, zonder dat het terrein volledig wordt opgedeeld in losse privé-kavels. Bewoners hebben een eigen woning en privacy, maar delen routes, groen, buitenruimte en soms voorzieningen.

Is collectief wonen geschikt voor erfdelers?

Ja. Voor erfdelers is collectief wonen geschikt omdat het erf als één samenhangende plek behouden kan blijven. De woningen worden zorgvuldig geplaatst, terwijl open ruimte, bomen, zichtlijnen en bestaande erfstructuren onderdeel blijven van het geheel.

Kun je met meerdere huishoudens op een boerenerf wonen?

Ja, mits het erf zorgvuldig wordt ontworpen. De opgave is niet alleen om woningen toe te voegen, maar om te bepalen hoeveel woningen de plek kan dragen zonder dat het boerenerf zijn karakter, openheid en landschappelijke kwaliteit verliest.

Kan een campinglocatie worden getransformeerd naar wonen?

Ja. Een voormalige campinglocatie kan geschikt zijn voor collectief wonen, vooral wanneer de bestaande landschappelijke structuur leidend blijft. Compacte woningen en gedeelde buitenruimte kunnen voorkomen dat het terrein verandert in losse kavels.

Is collectief wonen in de natuur geschikt voor 55-plussers?

Ja. Voor 55-plussers kan collectief wonen in de natuur aantrekkelijk zijn omdat het zelfstandigheid, ontmoeting en gedeelde verantwoordelijkheid combineert. Het ontwerp moet dan goed letten op privacy, toegankelijkheid, beschutting en gemeenschappelijke buitenruimte.

Wat is landschappelijk wonen?

Landschappelijk wonen betekent dat woningen worden ontworpen vanuit de kwaliteiten van de plek. Bomen, routes, zichtlijnen, hoogteverschillen, openheid, beschutting en ecologie bepalen waar en hoe gewoond kan worden.

Is deze aanpak ook relevant voor CPO’s?

Ja. Ook voor CPO’s kan deze aanpak relevant zijn, vooral wanneer zij compact willen wonen met gedeelde buitenruimte en behoud van landschappelijke kwaliteit. CPO is alleen niet de hoofdpositie van deze pagina.

Top